Zoeken in dit blog

maandag 15 oktober 2012

Willen we geweld lozen?

Hoe broos is geweldloos?

Stel dat we geweld kunnen uitbannen, afstoten, blokkeren, smoren, afwijzen. Of herkennen, hanteren, omvormen, vervangen ... zodat we met respect voor ieders intenties een andere uitingsvorm kunnen kiezen voor angst en drift. Dat lijkt mij een mooi vooruitzicht voor een wereld waarin de Power of WE aan de winnende hand is. Nu dit het thema is van Blog action day 2012, ben ik ervoor gaan zitten. Als we ons willen ontdoen van geweld, wat doen we dan met het woord geweldloos?


In de vorige alinea heb ik twee keer het woord geweld afzonderlijk gebruikt en een keer de twee lettergrepen als onderdeel van het woord geweldloos. Ik heb daarmee mijn lezers drie keer deze term voorgeschoteld, dat is in tachtig woorden een beetje veel voor iemand die als vredelievend te boek wil staan. Dit blogstuk gaat over de vraag: is het zinvol een alternatief te zoeken voor het woord geweldloos?

Feiten in context

Geweldloosheid is het afzien van geweld of het dreigen daarmee. Geweld kan fysiek van aard zijn, maar ook moreel (opleggen van normen en waarden), emotioneel (inspelen op gevoelens van angst of schuld) of manipulatief (knoeien met de waarheid). Een plastische definitie komt van paardentrainer Monty Roberts in zijn boek Wijze lessen voor de mens: “Geweldloosheid betekent je onthouden van uitspraken als ‘je doet wat ik wil of ik doe je pijn’.”

De term geweldloosheid is gebaseerd op het begrip ahimsa dat behoort tot het gedachtegoed van Mahatma Gandhi, vredelievend strijder voor de onafhankelijkheid van India. De letterlijke betekenis van ahimsa is: zonder geweld. Onder geweldloosheid wordt verstaan een levenshouding die recht doet aan al wat leeft en die handelingsvrijheid geeft aan iedereen (inclusief jezelf).

Wanneer de verhoudingen soepel zijn is dat meestal geen probleem. Maar soms is de tijd van mooiweerzeilen voorbij, dan wordt het een uitdaging om zuiver te blijven: opkomen voor jezelf zonder de emoties die spelen (onnodig) te schaden. Hiermee streef je naar een optimaal contact met jezelf en de ander, je gaat daarover met elkaar in dialoog voor een creatieve oplossing.

Mythes

Er is een aantal misverstanden over geweldloosheid, zoals:

  • ‘je laat over je lopen’
    Als je wordt aangevallen en geweldloos blijft, houdt dat niet in dat je geen grenzen aangeeft, zelfbescherming toepast of woede uitdrukt. Wat afwijkt van de traditionele reactie is dat je het accent legt op deëscalatie met respect voor jezelf en de ander
  • ‘je ziet ervan af anderen te beïnvloeden’
    Iedereen beïnvloedt anderen, verbaal en non-verbaal. Geweldloze beïnvloeding gebeurt transparant, je bent erop aanspreekbaar en je bent ook bereid te worden beïnvloed
  • ‘er is een strikte scheiding tussen geweld en geweldloosheid’
    Niemand is permanent gewelddadig, zoals ook niemand permanent geweldloos is
  • ‘het is gemakkelijk’
    Dergelijke gurutaal uit de jaren zestig wordt vandaag de dag niet vaak meer gehoord. Geweldloosheid voorstaan betekent niet dat je altijd redelijk, aardig, tactvol en meelevend bent. Je hebt soms je dag niet, soms verlies je je geduld of word je op een gevoelige plek geraakt. Heel logisch, begrijpelijk, aanvaardbaar en leerzaam. Misschien is dat laatste nog wel de Power of WE in optima forma: je leert van degenen die anders tegen het leven aankijken veel meer dan van degenen met wie je het altijd eens bent. Jezus zei al ‘heb uw vijand lief’
  • ‘het is onhaalbaar en utopisch’
    Iedereen heeft wel eens een conflict uitgepraat, het wederzijdse vertrouwen hersteld en de eerdere interpretatie van wat de ander bedoelde herzien. Wanneer het misverstand achter de rug is geeft dat een diep, dankbaar en onbetaalbaar gevoel van opluchting waar iedereen naar verlangt. Wie dat heeft meegemaakt weet dat het even haalbaar als gewenst is om een vertrouwensbreuk te voorkomen.

Fragment van het Indisch Monument
in Den Haag, waar de Tweede
Wereldoorlog in Azië wordt herdacht
(maker Jaroslawa Dankowa).

Gandhi zocht alternatieven voor het woord geweldloosheid en kwam uit bij waarheidskracht en liefdeskracht. Twee termen die ook niet echt uitblinken qua duidelijkheid: de waarheid is moeilijk te claimen en liefde heeft ook een erotische betekenis. Op een mailinglijst las ik een uitspraak van Marshall Rosenberg (grondlegger van de methode voor geweldloze communicatie) dat hij niet gelukkig is met de term nonviolence, maar dat deze in het Engelse taalgebied zo bekend is dat het moeilijk wordt een alternatief te vinden. Overigens heeft het woord natuurlijk ook pluspunten: waarschijnlijk de grootste naamsbekendheid van alle termen met deze betekenis en vermoedelijk ook de term met het meeste draagvlak onder degenen die er in de praktijk mee bezig zijn.

Analyse

Het is jammer dat er mythes bestaan rond het woord geweldloos, al is dat mede te wijten aan de onduidelijkheid die het woord oproept bij degenen die er niet mee bekend zijn. In mijn vak van communicatiedeskundige wordt onderscheid gemaakt tussen identiteit en imago. De identiteit van het woord geweldloos is de in paragraaf Feiten genoemde betekenis. Maar het imago wordt gevoed doordat de genoemde mythes berusten op een aantal onjuiste interpretaties. Dat het woord zweverig klinkt leidt dan bijvoorbeeld tot reacties als ‘je laat over je lopen’ of ‘het is utopisch’. Daar kun je nog met een goede uitleg op ingaan, maar dat is veel moeilijker bij een interpretatie dat geweldloos een term is die nogal oordelend klinkt. Hoewel voorzichtig omgaan met oordelen juist behoort tot de kern van geweldloosheid, denk ik dat veel mensen dit woord helaas als moraliserend ervaren. Door het woord geweldloosheid te gebruiken is het voor die ander alsof je zegt ‘ik heb meer vaardigheden en mijn morele standaarden zijn hoger dan die van jou’.

Een heel praktisch bezwaar is dat het menselijke brein niet goed overweg kan met ontkenningen omdat het grotendeels onbewust werkt. Bij het woord geweldloos zal de associatie met geweld blijven bestaan, net als ‘een baksteenloos gebouw’ of ‘een asfaltloze weg’ ongemerkt een beeld van bakstenen en asfalt oproepen. Een bordje in een winkel dat zegt ‘wij zijn open tot 18u’ geeft de klanten een meer welkom gevoel dan een bordje ‘wij zijn gesloten na 18u’. Uitdrukkingen als ‘stop Wilders’ en ‘antifascisme’ zullen in veel gevallen een averechtse werking hebben op de sympathie van het publiek voor datgene wat bestreden wordt. Ik kan me nog de oprichting van het Anti-oorlogsmuseum herinneren, gelukkig is het tegenwoordig te vinden op www.vredesmuseum.nl/ .

Alleen wanneer een positieve term echt veel meer woorden nodig heeft is een ontkenning zinvol, zoals bij ‘niet duwen’ op een automatische draaideur of ‘niet vouwen’ op een envelop. Op zich kan dit ook gelden voor geweldloos omdat dit woord zoveel diepgang heeft dat je een uitvoerige beschrijving nodig zou hebben om het te vervangen. In dat opzicht heb ik begrip voor wat de Stichting voor Actieve Geweldloosheid schrijft op de eigen website: “Geweldloosheid staat voor een positieve, actieve en creatieve kracht.” Het zou nog mooier zijn als een compact alternatief wordt gevonden dat meer aanspreekt en daardoor breed in het taalgebruik kan worden opgenomen.

Het zal niet gemakkelijk zijn zo’n term te vinden. Idealiter heeft het woord de volgende kenmerken:
  • positief, dus zonder ontkenning
  • passend bij de betekenis
  • creatief en aansprekend, dus minder zwaar klinkend dan geweldloos
  • verbuigingen zijn mogelijk naar: zelfstandig naamwoord (geweldloosheid), bijvoeglijk naamwoord (geweldloze actie), bijwoord (geweldloos communiceren). Eventueel ook een werkwoord, als equivalent van geweldloosheid toepassen
  • uitgaand van de eigen intenties. Een alternatief voor geweldloos communiceren is voor sommigen: verbindend communiceren. Als ik de betekenis van dit laatste begrip niet kende, zou ik me ongemakkelijk voelen bij iemand die verbindend communiceert omdat ik eerst wil weten wat dat voor mij betekent. Bij een woord dat alleen over de eigen intenties gaat, zal bij gesprekspartners veel minder snel twijfels oproepen of hun behoefte aan veiligheid en autonomie wordt vervuld
  • internationaal bruikbaar, bijvoorbeeld Engelstalig, zodat mensen van verschillende nationaliteiten elkaar begrijpen als ze het woord gebruiken
  • draagvlak onder degenen die al vele (tientallen) jaren in woord en daad met geweldloosheid bezig zijn.

Conclusies met verwachting

De term geweldloos(heid) zal altijd inspirerend blijven voor degenen die de betekenis ervan kennen, theoretisch en/of praktisch. Maar het ziet ernaar uit dat de minpunten van deze term een algemeen gebruik in de weg staan, tenzij het lukt om de betekenis meer bekendheid te geven en de inspiratie te verspreiden. Maar het zijn juist de minpunten die de kans hierop verkleinen en ik acht het dan ook waarschijnlijk dat de discussie of er geen betere term in cirkels zal blijven ronddraaien. Dat is op zich niet erg, maar het zou effectiever zijn om energie te steken in toepassing van geweldloosheid.

Toekomst met advies

Een heel bewuste keus voor handhaving van geweldloos of voor een alternatieve term is gewenst. Alternatieven die voldoen aan de genoemde kenmerken kunnen worden bedacht op basis van waarden die met geweldloosheid samenhangen. In de Nederlandse taal zijn dat bijvoorbeeld:
  • compassie 
  • verbinding zoekend
  • constructiviteit
  • contact
  • creativiteit
  • openheid
  • positiviteit
  • respect
  • synergie
  • vrede (vredevol, vreedzaam, vredig)
  • weldaad


Het vervolg van de discussie kan dan gaan op basis van crowdsourcing, via sociale media en zo veel mogelijk wereldwijd:

  1. de bovenstaande lijst wordt eerst verder aangevuld met nieuwe suggesties zodat de keus ruim is
  2. ook begrippen uit andere talen kunnen worden toegevoegd, bijvoorbeeld uit het Sanskriet ahimsa. Esperanto komt eveneens in aanmerking: dit wordt gezien als een taal die bruggen slaat en die bovendien cultureel ‘neutraal’ is, terwijl een op het Engels gebaseerde term wellicht op weerstand stuit op andere continenten. Vrede in Esperanto is paco, met een beetje creativiteit ontstaan dan pacoparol (vredespraak) en pacofaro (vredesdaad)
  3. vervolgens wordt in kaart gebracht voor welke termen verbuigingen mogelijk zijn naar de diverse woordsoorten (voor zoveel mogelijk talen). Aangezien taal een levende entiteit is, mogen hierbij nieuwe woorden, klanken en combinaties worden bedacht
  4. daarna kan de taalgebruikers worden gevraagd naar hun voorkeur via een (internationale) webenquête, waarin belangrijke vragen zijn: welk woord spreekt u het meeste aan? en welk criterium weegt voor u het zwaarste?
  5. dan komt de fase om een keuze te maken op basis van draagvlak bij de taalgebruikers. Wie dat kan doen, zal in de loop van het proces blijken. Idealiter zou de Algemene vergadering van de VN hiervoor in aanmerking komen.

Samenvatting

Geweldloosheid is een prachtig begrip dat voorziet in de behoefte van mensen aan inzichten om conflicten vreedzaam en adequaat op te lossen. Doordat deze term in meerdere opzichten niet goed wordt begrepen, blijft de verspreiding ervan beperkt. Dit is jammer voor heel veel wereldburgers die behoefte hebben aan deze inzichten: ouders en onderwijzend personeel plus de kinderen die aan hun zorg zijn toevertrouwd, bewoners die hun buurt als onveilig ervaren, medewerkers van hulpdiensten, uitkeringsinstanties en beveiligingsbedrijven. Natuurlijk ook politici en eigenlijk iedereen. De verspreiding van deze inzichten wordt gemakkelijker als een term wordt gevonden die als minder zwaar en meer inspirerend wordt ervaren. Of deze indruk door anderen wordt gedeeld plus het zoeken en inventariseren van alternatieven is een proces waarin iedereen kan participeren.

Gedreven door de Power of geWEldloosheid hoop ik dat dit gebeurt.

Links



vrijdag 28 september 2012

Meer professionele stukken op Tekstblog

Inmiddels publiceer ik regelmatig op Tekstblog en daardoor minder op VakVisie.

Hierbij de links naar mijn artikelen op Tekstblog:
  • Hoe win je het vertrouwen van de lezer? (november 2011)
    Voor klanten is vertrouwen soms nog belangrijker dan de prijs.
  • Hoe win je het vertrouwen van de opdrachtgever? (november 2011)
    Vraag een opdrachtgever: Wilt u dat de tekst vertrouwen wekt bij de lezer? en het antwoord luidt bijna altijd JA.
  • Allochtoonloze taal mist kleur (december 2011)
    De PVV heeft een hekel aan hoofddoekjes. Links stelt daar iets tegenover: een pleidooi voor afschaffing van het woord allochtoon.
  • CCC is nog geen ABC  (januari 2012)
    Het CCC-model voor tekstkwaliteit werd in 1996 gepresenteerd door Jan Renkema, bekend als auteur van de Schrijfwijzer en hoogleraar Tekstkwaliteit aan de Universiteit van Tilburg.
  • Taalparel scheidt kaf van tekstuele koren (maart 2012)
    Tussen tarieven, software en spelling is er nog een onderwerp dat regelmatig wordt besproken op de mailinglijst voor leden van beroepsvereniging Tekstnet.
  • Duidelijkheid zoek bij Google (september 2012)
    Wie googlet op de zoekterm duidelijk krijgt bijna 44 miljoen hits.
  • Spitsroeden van de spelling (december 2012)
    “Hij durft zijn taal niet aan te raken, hoewel hij heel veel van haar houdt (…), omdat hij bang is voor een fout”, schreef dichter Willem Wilmink over spelfouten.
     
Door te klikken op het logo hieronder ziet u op Tekstblog mijn laatste vijf stukken.